
De larven (engerlingen) leven onder de grond van plantenwortels. Ze ontwikkelen zich in 3 tot 4 jaar tot volwassen meikevers. Ze ontpoppen zich meestal in mei en vallen in die maand en in juni het meest op als ze met veel lawaai vliegen.
Het mannetje heeft langere voelsprieten (reukorganen) dan het vrouwtje met 7 bladen (bij het vrouwtje 6) die als een waaier aan het uiteinde staan.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten